SEKS? Pubers van nu hebben geen haast

TROUW ZATERDAG 24 JUNI 2017 ‘de Verdieping’
tekst Petra Vissers illustratie Vonq

Pubers willen hetzelfde, maar beginnen later

SEKS Ze roken minder, drinken minder en worden later seksueel actief. En dat in een wereld waar blote borsten en seksende BN’ers met weinig moeite op hun smartphonescherm verschijnen. Wie zijn dat, die pubers van tegenwoordig?

‘Intimiteit associëren we onmiddellijk met ‘ongewenst’. Opvoeders zijn doorgeslagen in het uitvergroten van die angst.

Rapper Lil’Kleine mag onder jongeren dan razend popu­lair zijn, met zijn teksten over drank en drugs, over bitches die willen chillen en hoe je seks ruikt als hij langsloopt, zijn fanschare heeft over het algemeen niet echt benul van waar het over gaat. Bijna zestien, is de gemiddelde puber als die voor het eerst zoent. Vijf jaar geleden had de helft van de jongeren op die leeftijd al ervaring met voelen, strelen en vingeren. De eerste keer seks hadden de meesten op hun zeven­tiende, nu wachten jongeren tot na hun acht­tiende verjaardag. Ze zijn ook minder gaan drinken. Het alco­holgebruik onder scholieren is spectaculair ge­daald. Een kwart van de jongeren drinkt maan­delijks, vooral bier of wijn. Dat was in 2003 nog meer dan de helft. 

Roken is ook niet zo populair meer. Drie procent van de 12- tot 17-jarigen rookt dagelijks, in 2011 waren dat er twee keer zoveel. Dat is allemaal gemakkelijk positief uit te leggen. Roken en drinken is slecht voor je, weten jongeren inmiddels. Dat ze later seksueel actief worden zou te maken kunnen hebben met het feit dat jongeren zich weerbaarder voelen dan een paar jaar geleden. “Als dat de verklaring is, lijkt me die posi­tief”, zegt sociologe Sylvia Holla. Ze deed in 2014 onderzoek naar de seksuele ontwikke­ling en seksuele handelingen van tieners, on­der meer door maandenlang undercover te werken in een bar. Seksualiteit is in de puber­tijd een van de belangrijkste thema’s voor jon­geren. “Echt ontzettend belangrijk, het is een onderdeel van de identiteit dat er voorheen nog niet was. Dus het is sowieso spannend en bij uitstek een kans om je op een nieuwe ma­nier te leren verhouden tot anderen.” In de bar waar Holla werkte werd vooral ‘geschuurd’: een meisje draait en drukt haar billen tegen de jongen die achter haar staat. “Dat ziet er best heftig uit maar is eigenlijk vrij onschuldig”, zegt Holla. “Het is voor jongeren een veilige manier om voor het eerst dicht tegen elkaar aan te staan en het idee van seks een beetje af te tasten. Het is een onderdeel van het seksuele leerproces.” Een gesprek hoeft er niet aan dat schuren vooraf te gaan, en zoenen is ook niet noodzakelijk. Van de alomtegenwoordigheid van seksua­liteit in films, reclames en op social media lij­ken pubers weinig onder de indruk, in ieder geval worden ze er zelf niet enorm opgewon­den van. “De beeldcultuur is explicieter ge­worden. Maar er is nooit een studie geweest die aantoont dat specifieke beelden daadwer­kelijk leiden tot bepaald gedrag. Ik kan me bo­vendien voorstellen dat jongeren ook media­wijzer zijn geworden: dat ze niet alles op beeld voor waar aannemen en op zichzelf betrek­ken.” Ook de invloed van alcohol op al dan niet zoenen of vrijen is in deze levensfase niet zo groot. Het zijn vooral volwassenen die met een extra wijntje op sneller over hun grenzen heengaan of eindelijk eens over hun schroom heenstappen, blijkt uit onderzoek.

Weerbaarder

Pubers worden dus later seksueel actief, lijken weerbaarder. Ze geven minder vaak aan dat ze gedwongen of onder druk seksuele handelin­gen hebben verricht. Aan de andere kant: het condoomgebruik is afgenomen en pubers pra­ten minder dan voorheen over seksualiteit, zo­wel met hun ouders als met vrienden en vrien­dinnen. “Ik vind dat een hoge prijs voor de latere start van hun seksuele ontwikkeling”, zegt opvoedkundige Marina van der Wal, die als puberdeskundige regelmatig spreekt met ouders die vol vragen zitten. “In mijn ervaring vinden ouders het vooral belangrijk dat kinderen grenzen stellen. Dat is zeer belangrijk, maar seksualiteit is meer dan grenzen stellen.” We benadrukken te veel wat er allemaal mis kan gaan, denkt ook socioloog Frits Span­genberg, directievoorzitter van Motivaction. Hij doet onder meer onderzoek naar de leef­stijl van verschillende generaties. “In die zin verbaast het me niet dat jongeren later seksu­eel actief worden. Intimiteit associëren we onmiddellijk met ‘ongewenst’. Opvoeders zijn doorgeslagen in het uitvergroten van die angst.” Ouders zijn altijd bang geweest dat hun kinderen iets overkomt, zegt Spangenberg, maar de opkomst van sociale media en een aantal breed uitgemeten misbruikzaken hebben het voor ouders moeilijker gemaakt om ook te benadrukken hoe fijn seks kan zijn en hoe belangrijk intimiteit is. En dat het af en toe een beetje misloopt of onhandig uitpakt, dat hoort er dan ook bij.

Op hun bek gaan

De pubers van nu krijgen weinig ruimte om fouten te maken, ziet ook Van der Wal. “Het is een generatie die weinig eigen verantwoorde­lijkheid wordt gegund.” Neem bijvoorbeeld het kleedgeld, dat krijgen kinderen op steeds late­re leeftijd, blijkt uit cijfers van de Nibud. “Om­dat ouders zeggen: als ze iets willen, kopen wij dat wel. Maar kleedgeld is bij uitstek leergeld. Laat ze maar eens op hun bek gaan.” De pubers van nu worden opgevoed door de huidige veertigers. En die blijven, als je ze ver­gelijkt met de generaties voor hen, erg hangen in het ‘jong-blijf-beginsel’, zegt Van der Wal. “Het is een groep die zelf nog relatief jong was toen de sociale media opkwamen. Daar zijn ze veel mee bezig, maar ze zijn er zelf ook nog zoekende in.” 
De opkomst van sociale media en de smart­phone maakt deze generatie pubers, de digital natives, duidelijk anders dan de generaties voor hen: ze weten niet beter dan dat ze altijd digitaal zijn. Dat betekent bijvoorbeeld wel dat ze non-verbale signalen minder goed herken­nen, zegt Spangenberg. Ze hebben een kleine­re woordenschat dan de twintigers en derti­gers van nu en zijn meer op zichzelf gericht. Dat heeft ook te maken met de relatie van hun ouders tot de smartphone: daar pielen ze zelf ook veel mee. 
Het lijkt een generatie vol tegenstellingen, want er wordt ook veel van pubers verwacht. Als ze gaan studeren krijgen ze geen basis­beurs, ze moeten al vroeg hoge cijfers halen anders komen ze d~ opleiding van hun keuze niet in en voor mbo’ers die door willen stude­ren liggen er meer drempels dan tien jaar gele­den. En de mbo’er die helemaal niet wil door­studeren, voelt zich regelmatig niet gewaar­deerd door een maatschappij die diploma’s enorm belangrijk vindt.

Dat is voor een deel van de jongeren echt een probleem, zegt leerkracht Dulcita Dors van het Montessori College Oost in Amster­dam. Ze staat al 25 jaar voor de klas en heel veel zijn die pubers nu ook weer niet veran­derd. “Ze doen alles op het laatste moment, werken net hard genoeg voor een zesje”, lacht ze. “Wat wel echt anders is, is de waardering voor vmbo-leerlingen. Ze denken dat de maat­schappij denkt dat ze niets kunnen en niets zullen bereiken. Dat werkt enorm demotive­rend.”

Het Montessori College Oost won vorig jaar een prijs voor hun lessen over seksualiteit, die deels door Dors worden gegeven. In de lessen besteedt de school ook, en juist, aandacht aan wat er zo leuk is aan seks. En ach, in het klaslo­kaal merkt de ervaren leerkracht dat, ondanks waarschuwende ouders en wetenschappers die zich zorgen maken, pubers al decennialang hetzelfde zijn. “Leerlingen hebben een roman­tisch beeld van de liefde”, zegt Dors. “Ook de kinderen met gescheiden ouders of uit eenou­dergezinnen. Ze willen allemaal verkering en heel veel van iemand houden.”

Aan zoenen is Fien (15) nog niet toegekomen

Sporten,  vriendinnen  en,  nou  ja,  gewoon,  gezelligheid.  Dat  zijn  de belangrijkste  the­ma’s  in  het  leven  van  de  vijftienjarige  Fien  en  Isra. Isra  heeft  weleens  gezoend,  vorig  jaar  met  haar  vriendje.  De  eerste keer  zoe­nen was leuk, vertelt ze aan de keukentafel bij Fien, maar ook best raar. “Ik dacht wel van joh wat moet dat met die tong”, proest ze uit. Fien is er nog niet aan toegekomen, aan dat zoe­nen. “Maar ik wil wel een vriendje”, zegt ze. Op school zit een jongen die ze leuk vindt. “Hij jou ook hoor”, valt Isra in. “Echt duidelijk.” Ze gaan op date. Gewoon, iets leuks doen bij Fien thuis. Voetballen misschien. “En misschien gaan we dan wel zoenen, ik weet het niet.” Want zoenen, strelen, vrijen, dat lijkt de twee het fijnst met een vriendje. In ieder geval de eerste keer. Misschien dat ze daar anders over denken als ze ouder zijn, zeggen ze. En meer ervaring hebben. Dan kun­nen ze zich best voorstellen dat een relatie niet per definitie noodzakelijk is. Fien en Isra kijken elkaar aan. Misschien als ze veel ouder zijn, twintig of zo? Maar voorlopig moeten ze er niet aan denken, aan seks. Een derde vriendin heeft vorige week voor het eerst seks gehad met haar vriendje van zeventien. Fien vertelt het met grote ogen. Ï denk daar nog helemaal niet over na”, zegt ze. Ze komt bijna niet uit haar woorden, zo verbaasd is ze. Toen ze uit school kwam, heeft ze het meteen aan haar moeder verteld. “Ik zei echt van ‘mam, moet je horen!'” Maar Isra en Fien denken niet dat hun vriendin iets tegen haar zin heeft gedaan. Ze was er wel aan toe, zeggen ze, en ze praat open over haar ervaring.Met hun ouders hebben beide meiden een goede band, er lijkt weinig behoefte aan afzetten. Uitgaan doen ze nog niet, roken is echt het treurigste wat je kunt doen en drinken is best wel vies. “Bij ons op school wordt niet zo veel gedronken”, zegt Fien. “Maar het hangt af van de scene waar je in zit. De kak­kers drinken vet veel.” Ze discussiëren even over de vraag wat ze eerder zouden doen: dronken worden of stoned. Een defini­tief antwoord blijft uit. Sociale media zijn niet zo belangrijk, vinden ze zelf. Ja, ze hebben WhatsApp, Snapchat en Instagram. Maar dat moet je niet al te serieus nemen. Een leven zonder smartphone? “Nou, dat lijkt me eigenlijk best fijn soms”, zegt Fien. “Dat je dat vroeger niet had.” Het vakantiehuisje van haar ouders in Duitsland heeft geen wifi en dat is voor deze meiden een voor­deel, geen nadeel. “Die telefoon leidt soms zo af”, ver­zucht Isra. Vervelende dingen zien ze niet, zeggen ze, en dat het niet zo slim is om naaktfoto’s te sturen weten ze best. Trouwens, het is ze ook nooit gevraagd. Vorig jaar zat er wel een jongen in de klas die van een andere school kwam. Daar ging een naaktfilmpje van hem rond, dat binnen twee dagen ook zijn nieu­we school had bereikt. “En toen liet iemand ineens een piemelfilmpje zien”, zegt Fien. “Was dat zijn pie­mel.” Echt ‘superzielig’ vonden de meiden dat voor hem.  De toekomst zien ze vol vertrouwen tegemoet. Fien wil naar de hotelschool, Isra denkt na over een studie bewegingswetenschappen. Willen ze later een carrière, een man, een gezin? Ja, zeggen ze. Dat alle­maal.

‘En toen liet iemand ineens
een piemelfilmpje zien.
Superzielig voor die jongen.’