Frits Spangenberg over de disruptieve economie; ‘Alles draait om wendbaarheid’

Scan0016Motivaction optichter Frits Spangenberg is gefascineerd door gedrag, verandering en onze toekomst. Hij signaleert een ontwikkeling met grote impact: de disruptieve economie waarin jonge bedrijven razendsnel groeien en bestaande concerns moeite hebben te overleven. ‘Wendbaarheid is een onmisbare eigenschap voor medewerkers, bedrijven en de BV Nederland’.

Als een nieuwe generatie zijn intrede doet op de werkvloer leidt dat vrijwel altijd tot spanning met de gevestigde orde. ‘Zo zijn de verschillen tussen babyboomers en de jongere generaties groot,’ zegt Frits Spangen berg. De eerste groep wordt wel de protestgeneratie genoemd. In hun jeugd zetten zij zich af tegen autoriteit en regels. Later gaven ze hun kinderen de vrijheid die ze zelf nooit kregen. Ook materieel ontbrak het deze jongeren aan weinig. Zij zijn veelal opgegroeid in rijkdom. in een tijd van grenzeloze mogelijkheden. Bij een baan moeten zij zich aanpassen aan een hiërarchische omgeving met vaste structuren. Dat zorgt voor frictie.

Disruptief

Naast het generatieconflict speelt er volgens Spangenberg iets veel ingrijpenders. ‘Nieuw opgerichte bedrijven opereren substantieel effectiever, beter en goedkoper dan bestaande organisaties. Daar komt bij dat de inzet van ICT en webtechnologie exponentiële groei mogelijk maakt. Die staat haaks op de geleidelijke ontwikkeling. de lineaire  groei die lange tijd de norm was. Grote concerns zijn traag en log. ‘ Bestaande organisaties kenmerken zich vaak door gezag en plichtsgetrouwheid. Er is veel controle. ook van buiten. Bedrijven hebben te maken met collectieve arbeidsvoorwaarden en stakeholders als OR en vakbonden. Partijen die er vaak belang bij hebben dat zaken blijven zoals ze zijn.’ Nieuwe organisaties kennen deze belemmeringen niet. ‘Daar is alle energie gericht op ontwikkeling en groei. In combinatie met de beschikbare technologie kunnen jonge bedrijven daardoor in korte tijd tot grote wasdom komen. Keerzijde van de medaille: organisaties die decennialang succesvol waren, komen in zwaar weer of gaan ten onder. Zie Nokia, HEMA en V&D.’

Attitude

De huidige disruptieve periode stelt fundamenteel andere eisen aan managers en medewerkers. ‘Of iemand in staat is tot vernieuwing is zeker niet alleen een kwestie van leeftijd . Het gaat vooral om attitude. Ik heb altijd geprobeerd open te staan voor nieuwe ontwikkelingen en mij verre gehouden van dooddoeners als: “Dat werkt hier toch niet”. Ook heb ik de leiding van Motivaction tijdig overgedragen aan de volgende generatie. Die zorgt ervoor dat het bedrijf wendbaar blij ft. Er gebeuren hier nu dingen die ik nooit had kunnen bedenken. ‘ Jong en oud hebben elkaar nodig. ‘ Ervaren medewerkers fungeren als rolmodel. In bijna alle sectoren leren jongeren van ouderen. Maar dat geldt andersom evenzeer. Ik heb van jonge collega’s minstens evenveel opgestoken als zij van mij.’

Filosofie verplicht

Jonge mensen zijn veelal als vanzelfsprekend wendbaar. ‘Toch moet hier ook tijdens de studie aandacht voor zijn. Omdat ontwikkelingen razendsnel gaan, lopen opleidingen bij relevante praktijkkennis vaak achter de feiten aan. Naast basisvaardigheden moeten ook competenties als empathie en flexibiliteit verder ontwikkeld worden. En wat mij betreft wordt filosofie verplicht op middelbare scholen. Het scherpt de geest. Hierdoor is het later gemakkelijker om je de snel veranderende vakkennis eigen te maken.’

Achterhaald

Ook voor de BV Nederland is wendbaarheid het sleutelwoord. ‘We moeten af van regels en structuren d ie de noodzakelijke flexibiliteit frustreren en samenwerking tussen generaties belemmeren. Vakbonden hebben in het verleden geweldig werk verricht maar staan nu de noodzakelijke verandering in de weg. Zij houden vast aan vermeende verworvenheden uit de oude economie. Zoals de vanzelfsprekendheid dat medewerkers meer gaan verdienen naarmate zij ouder worden. Een achterhaald systeem dat uitgaat van een lineaire ontwikkeling. Daar is geen sprake meer van. Disruptie is de norm en organisaties moeten daarop in kunnen spelen.’

Kruispunt

Vaak vormen incidenten de basis voor wetten, regels en handhaving. ‘Domeinen als planologie en milieuwetgeving zijn verworden tot een ondoordringbaar regelwoud. Waarom vertrouwen we niet veel meer op het gezonde verstand in plaats van al les te willen reguleren?’ Daarbij moeten we volgens Spangenbcrg niet bang zijn voor rigoureuze maatregelen. ‘Stel je een kruispunt voor zonder borden en stoplichten. Dat leidt ertoe dat mensen weer zelf nadenken, waardoor de veiligheid toeneemt. Een mooie metafoor voor veel andere gebieden.’