De maatschappelijke opgave van gebiedsontwikkeling

Eindelijk belangstelling voor de eindgebruiker? 

Je leeft maar één keer dames en heren, en dan moet je het dus zo goed mogelijk doen. Dat leven natuurlijk, maar ook het bouwen moet je goed doen en dat hebben wij als sector niet altijd even slim aangepakt. Ik heb twee grote hobby’s: mijn werk voor Motivaction in ruime zin en dan vooral mij verdiepen in de vragen die de opdrachtgevers net niet stelden. Dat levert heel bijzondere inzichten op, ik wil er een aantal vanmiddag met u delen. Mijn tweede grote hobby, samen met mijn partner, is bouwen,  zowel privé als zakelijk vernieuwbouwen in Amsterdam Centrum; een voormalige meisjeschool uit 1876 werd Motivaction kantoor, en na een Riad in Marrakech bouwen wij op dit moment een woonhuis in Haagse School Stijl 30-er jaren op de Veluwe. Bouwen laat mij niet onverschillig, de afgelopen weken heb ik een hoogtepunt en een dieptepunt ervaren. Het hoogtepunt was een preview in het Rijks Museum, ik werd er trots en gelukkig van. Het is zorgvuldig en liefdevol gedaan, dat kan je als bezoeker niet ontgaan, het pakt je beet. Een dieptepunt voor mij als oud-Rotterdammer was publiciteit over Rem Koolhaas’ volumineuze creatie die u achter mij in aanbouw ziet. Rem Koolhaas is bij het feestje van het hoogste punt niet op de bouw geweest, dat liet hij aan zijn medewerkers over. “Er is toch niets meer aan te veranderen” was zijn commentaar in de media. Dat is precies wat ik bedoel: De prefab structuren van beton, staal en glas hebben de metselverbanden verdrongen. Bezuinigen op materialen bevordert de efficiency. Wij hebben nu weliswaar veel meer vrije tijd dan vroeger om te kunnen genieten van historische Haagse- en Amsterdamse School metselverbanden, maar er is geen ambachtsschool meer waar de tijd wordt genomen om jongeren dit schone bouwen onder de knie krijgen. Architecten van het grote gebaar vinden die toepassingen meestal teveel in de sfeer van het ornament liggen. Dat de meeste eindgebruikers dol op ornamenten in de bouw zijn doet voor hen niet ter zake. 

Ik ben uitgenodigd als smaakmaker. Dat hoeft men mij geen twee keer te zeggen, ik geef u de kruiden, de spices en de pepers. Want je leeft maar één keer, en je leeft niet alleen voor je portemonnee, wel voor je dromen en je passies. Schoonheid is voeding voor je dromen en passies, en is schoonheid niet ook de beste vorm van duurzaamheid? (vrij naar de oud Rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol). Maar hebben wij als bouw sector ons niet teveel gedragen als een verwend kind in een decadent gezin? Motivaction doet al 30 jaar onderzoek en advies voor alle maatschappelijke sectoren en signaleerde geleidelijk een omslag van een aanbod- naar een vraag gestuurde productie. Alle sectoren gingen naar een vragers markt, behalve de bouw. En dat valt te verklaren, ieder opgeleverd bouwwerk werd door de continue schaarste toch direct verkocht of verhuurd. Schaarste maakt begerig en minder kritisch. Dat is in de loop der jaren flink doorgeslagen. Op een enkele uitzondering na werd er in de gehele sector vet verdiend, van de grondposities tot de toeleveranciers. De verdiencapaciteit stond centraal, niet de vraag of de behoefte van de eindgebruiker en schoonheid van bouwen lijkt helemaal op de achtergrond gedrongen. Zo konden er de meest afschuwelijke Vinex wijken uit de grond worden gestampt en kon een zelfgericht Ingenieurs Bureau Amsterdam heel autoritair bepalen dat er op IJburg alleen plaats was voor panden met platte daken en geen balkons aan de voorgevels. Een ramp voor het gebied en de prijsontwikkeling van de panden. Er moest bij gebrek aan belangstelling huursubsidie gezinnen worden ondergebracht. Met meer aandacht voor de toekomstige bewoners had IJburg met eenzelfde bouwbudget wel een aantrekkelijk gebied kunnen worden. Nu wonen mensen er meestal best naar tevredenheid, maar zij moeten altijd veel energie besteden om het negatieve kazerne imago te neutraliseren. In de meeste Vinex locaties wonen mensen best naar hun zin, maar als zij het beter krijgen vertrekken zij razendsnel en de eerste sociale probleemwijk affaires zijn ons in de media niet ontgaan. De bouwsector heeft zich laten leiden door formalisten en regelaars en niet door gepassioneerde visionairs. Waar is de visie van een Wibaut of Michel de Klerk? Van hun monumentale werk kunnen wij nog dagelijks genieten of met heimwee aan refereren. Zij hadden het  Bouwbesluit zoals dat nu is uitgewerkt nooit geaccepteerd. Een deels infantiliserend en betuttelend programma van wetten en regels, waar slechts een handvol mensen de ratio nog kan volgen. Natuurlijk was het uitgangspunt goed, er moet er een zeker kwaliteits- en veiligheidsniveau zijn en daaruit volgt ordening, controle en handhaving. Het lijkt of wij de hoogste wensen van de incident loze en maakbare samenleving in dit pakket van regels hebben willen vervatten. Om bij ‘overtuimelgevaar’ rigoureus af te keuren maken wij de burger uiteindelijk kwetsbaar en niet opgewassen tegen de risico’s en gevaren van het dagelijkse leven. Bovendien is het Bouwbesluit sterk kostenverhogend, niet duurzaam en veroorzaken de minimale hoogten van verblijfsruimtes en deuren in woonhuizen eentonigheid en architectonische gedrochten. Daken liggen als een te klein hoedje te hoog op het casco, de schoonheidsperfectie van de gulden snede is nauwelijks meer haalbaar, maar het lijkt wel of de architecten zich daar in hebben geschikt. In ieder geval is er geen effectief protest gekomen en zijn de ambtenaren oppermachtig in het handhaven van regels, die hun basis vinden in akelige ongelukken en treurige incidenten. 

Ondertussen is bouwen, wonen en leven onverminderd belangrijk. Het aantal TV programma’s over het onderwerp tot meubilering en detaillering aan toe bewijst dit. Dutch Design is hot tot ver, zeer ver over onze eigen grenzen. Durft de bouwsector nog te leren? Lessen te trekken? Vernieuwing, maar dan een door eindgebruikers gewenste vernieuwing moet dan maar bottom-up komen. Maar dan wordt het ook spannend wie de nieuwe partners zullen zijn, een bottom-up proces sluit zelden naadloos aan bij de bestaande partijen en machtsverhoudingen. Een out of the box proces kan ingrijpende verschuivingen teweeg brengen die niemand kan voorzien. Project X in Haren kwam voor bijna iedereen als het ware uit de lucht vallen. Europa telt nu meer dan 200 miljoen hoger opgeleide werklozen, die via Social Media in principe één grote beweging kunnen vormen. Wie weet welke kanten deze ontwikkelingen opgaan. Onvrede is een motor voor veranderingen. Onvredes moeten worden opgespoord en zoveel mogelijk worden verholpen. Dit geldt niet alleen voor de bouwsector; in mijn eigen domein het marktonderzoek zijn ook ontwikkelingen gaande. De respondenten vermoeidheid neemt steeds grotere vormen aan, mensen willen wel informatie geven, maar er moet wel wat mee gebeuren. Eenzijdig vragenlijstjes uit de markt zuigen zal steeds minder effectief lukken met als gevolg scheve steekproeven en onbetrouwbare gegevens. Ook de marktonderzoek sector moet dit onder ogen zien en aanpakken anders verdampt haar deskundigheid en autoriteit. 

Ik sluit af met als metafoor de procesgang rond het afschaffen van de gloeilamp. Toen alle wetgeving al rond was bleek dat bij een integrale kijk, de gloeilamp de meest duurzame verlichtingsvorm. De sneltrein dendert voort, wij hebben met zijn allen inzicht en wijsheid nodig om tot de sociaal intelligente oplossingen te komen. De dynamiek van vandaag eist snelheid, het is dus oppassen geblazen. 

Door de ingrijpend veranderende economische verhoudingen verdampen oude zekerheden en daar komen nieuwe structuren voor in de plaats. Wie als mens of als sector niet oplettend is zou de volgende trein wel eens kunnen missen. Wij moeten ons blijven verdiepen in wat er om ons heen gebeurt en waar passies en dromen ons voeren. Ik weet zeker dat deze middag met zovele deskundigen bijeen, wij daar een goede bijdrage aan gaan leveren.  

Frits Spangenberg

Citeren of dupliceren toegestaan met bronvermelding

 

Download in pdf